Sector

  • Vmbo bovenbouw

Vakgebied

  • Techniek N&T

Leerplankundig thema

  • Examenprogramma
  • Handreiking
  • Schoolexamen

T&T leerlingenprofiel

2-9-2016

Profiel van de leerling Technologie & Toepassing

Het examenprogramma Technologie & Toepassing appelleert aan het ontwikkelen van technische vaardigheden en aan de ontwikkeling van vaardigheden die van belang zijn voor het succesvol functioneren van de leerling in de vervolgopleiding en in de beroepscontext.

Het examenprogramma T&T slaat daarmee een brug tussen het algemeen vormend karakter van de theoretisch leerweg en het daarop volgende beroepsonderwijs. Het beroepsonderwijs mag een student tegemoet zien die zich onderscheidt, een student die voldoet aan het hierna beschreven profiel van de T&T leerling. Waar in dit profiel gesproken wordt over hij kan ook zij gelezen worden.

1. De T&T-leerling wil meer weten: de onderzoeker

De T&T-leerling is nieuwsgierig naar de toepassingsmogelijkheden van technologie in de context van verschillende bètawerelden en - beroepen. Hij wil daarover meer weten. Hij stelt kritische vragen bij problemen, verschijnselen en opdrachten. De leerling verzamelt en selecteert noodzakelijke informatie uit formele en informele bronnen (uit de bètatechnologische context). Hij combineert feiten met kennis en inzichten. Hij kan de verwerkte informatie inzetten om tot passende resultaten te komen (die voldoen aan de eisen die de opdrachtgever heeft gesteld).

De leerling verwerft in het onderzoeksproces inzicht in de waarden en normen bij het toepassen van technologie in bestaande en nieuwe contexten. Hij ontwikkelt een eigen standpunt over de toepassingsmogelijkheden van technologie op basis van de vraag: ‘Mag alles wat kan?’

2. De T&T-leerling heeft de wil om iets (beter) te maken: de ontwerper

De T&T-leerling laat zien dat hij een voorgelegd probleem uit een technologische context voor zichzelf, en anderen, kan verwoorden in begrijpelijke taal. Hij werkt op een systematische wijze aan het ontwerp van een oplossing of van meerdere oplossingen. Aanvankelijk doet hij dat schetsmatig. Hij toetst het idee op uitvoerbaarheid en werkt het vervolgens uit naar een definitief ontwerp. Hij is niet bang fouten te maken en te experimenteren. Hij is in staat om de fasen van het ontwerpproces te beschrijven en aan te geven hoeveel tijd elke fase vraagt en welke materialen, gereedschappen en andere hulpmiddelen daarbij nodig zijn.

Hij maakt actief gebruik van de kennis en kunde van medeleerlingen en van experts uit de beroepscontext. Hij verwerft inzicht in het belang van samenwerking binnen bestaande en nieuw te vormen netwerken.

3. De T&T-leerling ziet en benut kansen: de ondernemer

De T&T-leerling gaat proactief op zoek naar oplossings- en toepassingsmogelijkheden in de context van een realistisch probleem in de vorm van een product, ontwerp of advies. Hij benut de kracht van co-creatie en weet dat je met verschillende types denkers & doeners tot creatieve resultaten kan komen.

In dit proces weet hij zowel zijn medeleerlingen, docenten, opdrachtgever(s) als experts aan zich te binden.

Hij ziet en benut daarbij kansen en mogelijkheden om oplossingen en toepassingen te realiseren. De leerling kan out-of-the-box denken en durft daarbij verantwoorde risico's te nemen.