Sector
  • Havo bovenbouw
  • Vwo bovenbouw
Vakgebied
  • Scheikunde
Leerplankundig thema
  • Schoolexamen
  • Handreiking

Vernieuwing Centraal Examen

16-7-2015

​​Vanaf 2009 (havo) en 2010 (vwo) zijn naast de reguliere examens pilotexamens afgenomen. Trends in de formulering van pilot-examenvragen zijn te vinden in de specifieke (nieuwe scheikunde) kennis zoals in het vwo-examen 2011-1:

  • Leg uit welke drie oorzaken bepalen dat de atoomefficiëntie (van dit proces) lager is dan 100%.

Of meer vragen, die een beroep doen op het werken met contexten zoals in het pilotexamen havo 2009-1:

  • Beschrijf hoe de bosbouw moet worden ingericht om de energievoorziening uit hout, dat via bosbouw wordt verkregen, 'CO2-neutraal' te kunnen noemen.

Of uit hetzelfde examen:

  • Noem twee chemische factoren die bewerking van de grond met calciumoxide nodig kunnen maken.

Er lijkt ook een trend te zijn naar meer onderzoeksachtige vragen zoals in het vwo-examen 2011-1:

  • Beschrijf globaal hoe zo'n test moet worden uitgevoerd.

 Of uit hetzelfde examen:

  • Wat moet je onderzoeken aan het mengsel van N-methylolacrylamide en N,N-methyleen-bisacrylamide om je veronderstelling te toetsen.

​Of zelfs (pilothavo-examen 2012-2):

  • Beschrijf globaal een ontwerp voor de werking van het elektrolyse-apparaat bij de beschreven zonwering waaruit ook de "vulling voor het leven" duidelijk wordt.

Besteed in je beschrijving aandacht aan:

  • wat er gebeurt wanneer je op 'donker' drukt;
  • hoe je de mate van zonwering kunt regelen;
  • wat er gebeurt wanneer je op 'licht' drukt.

De opgaven die gebruikt zijn in het examenexperiment voor de centrale examinering zijn beschikbaar via de site van betanova. www.betanova.nl. Zowel de reguliere- als de pilotexamens staan op: www.nvon.nl

In het examenprogramma is 60% van de eindtermen bestemd voor toetsing in het centraal examen. De andere 40% van de eindtermen moeten in het schoolexamen worden getoetst. Die 60% -40%-verdeling is al eerder bepaald en ingegaan, namelijk in de aanpassing van de Tweede Fase in 2007 en staat dus los van deze vakinhoudelijke programmawijziging. Om de 60/40-verd​eling in de school goed te kunnen toepassen, heeft de syllabuscommissie de omvang in tijd die voor onderwijs van alle specificaties nodig is zo goed mogelijk bepaald. De schatting van ervaren docenten is dat voor het onderwijs van de syllabuselementen in de havo ongeveer de 192 slu's nodig zijn en voor vwo ongeveer de 264 slu's.

Het is in de praktijk van scholen gebruikelijk om toetsen in het schoolexamen ook te gebruiken om met leerlingen te oefenen voor het centraal examen. Dat draagt in de ogen van docenten en schoolleiding bij aan de gewenste geringe discrepantie in het cijfergemiddelde van CE en SE.

Op grond van de eisen van de overheid en de werkwijze van het CvE zal een centraal examen in een vak heel geleidelijk veranderen na invoering van een nieuw programma. Dat hangt samen met de noodzakelijke ontwikkeltijd van kwalitatief deugdelijke examenopgaven en de zorgvuldigheid waarmee examens worden samengesteld.

Voor de centrale overheid is de deugdelijkheid van het proces van toetsing en van de toetsen zelf belangrijk, ook vanwege het civiel effect van de havo- en de vwo-diploma's. Het is een kwaliteit van het Nederlandse onderwijs dat centrale toetsing op hoog niveau en met grote kwaliteit wordt gerealiseerd. Mede daardoor hebben docenten zich de afgelopen decennia een werkwijze eigen gemaakt die kan worden omschreven als teaching to the test. En met die test wordt dan het centraal examen bedoeld.