Sector

  • Vmbo bovenbouw

Vakgebied

  • Nederlands

Leerplankundig thema

  • Schoolexamen
  • Examenprogramma
  • Handreiking
  • PTA

Fictie

1-7-2016
NE/K/8 Fictiebb​kb​gl/tl
​De kandidaat kan:
  • verschillende soorten fictiewerken herkennen;
  • de situatie en het denken en handelen van de personages in het fictiewerk beschrijven;
  • de relatie tussen het fictiewerk en de werkelijkheid toelichten;
  • een persoonlijke reactie geven op een fictiewerk en deze toelichten met voorbeelden uit het werk.
X​​X​X
​De kandidaat kan:
  • kenmerken van fictie in het fictiewerk aanwijzen;
  • relevante achtergrondinformatie verzamelen en selecteren.
​X​X


De leerlingen moeten voor deze exameneenheid dus een persoonlijke reactie kunnen geven op gelezen fictie, waarbij de inhoud van het fictiewerk een belangrijk uitgangspunt is. Ook moeten leerlingen relevante informatie kunnen verzamelen. Dit laatste wordt niet gevraagd van leerlingen in de basisberoepsgerichte leerweg.

Verplicht in schoolexamen

Fictie dient in alle leerwegen van het vmbo te worden getoetst in het schoolexamen.

Lezen én zelf schrijven van fictie

Naast het herkennen en beschrijven van fictie en een persoonlijke reactie geven op fictie is het zelf creëren ervan ook een mogelijkheid binnen het schoolexamen, bijvoorbeeld op basis van gelezen werk, onderzoek naar de context en gegeven persoonlijke reacties. Zelf (spannende) verhalen, songteksten, raps en poëzie schrijven heeft namelijk effect op het lezen van fictie en op de motivatie van leerlingen (De Bonth & Schermer, 2015).

Referentiekader Lezen van fictionele, narratieve en literaire teksten

Het referentiekader Lezen - fictionele teksten 2F kan richting geven bij de invulling van de schoolexamens rondom fictie.