Sector

  • Vmbo bovenbouw

Vakgebied

  • Nederlands

Leerplankundig thema

  • Schoolexamen
  • Examenprogramma
  • Handreiking
  • PTA

Controleer en evalueer de toetsen

3-7-2016

​De kwaliteit van de toetsing kan op drie momenten bewaakt worden:

  • vooraf: bij het maken van het toetsplan wanneer beslissingen worden genomen over wat, hoe en wanneer getoetst wordt;
  • bij de controle van de toetsopzet (vragen, opdrachten en gebruikte instrumenten);
  • achteraf: door de resultaten aan een analyse te onderwerpen en de ervaringen van leerling en docent in kaart te brengen.

Validiteit, betrouwbaarheid, transparantie en bruikbaarheid

  • Een toets is valide als een toets meet of de leerling de behandelde leerstof en de daarbij beoogde leerdoelen (vertaald in toetsdoelen en criteria) bereikt heeft en niets anders.
  • Een toets is betrouwbaar als bij een (denkbeeldige) herhaling de leerling een gelijk resultaat zou behalen op de toets. Een belangrijke voorwaarde voor betrouwbaarheid is een objectieve beoordeling: komen twee beoordelaars tot dezelfde beoordeling en worden vergelijkbare prestaties hetzelfde beoordeeld?
  • Een toets is transparant als het voor leerlingen volstrekt duidelijk is wat er getoetst wordt, hoe en wanneer getoetst wordt en wat de beoordelingscriteria zijn.
  • Een toets is bruikbaar als de inhoud, vorm en opzet van de toets in verhouding staan tot wat men wil weten en wat organisatorisch mogelijk is.

Suggesties/adviezen voor de vaksectie Nederlands

  • Evalueer de afzonderlijke schoolexamentoetsen met behulp van bovenstaande criteria en let daarbij op:
    • de toetsmatrijs;
    • de opgaven;
    • het antwoord- en scoremodel;
    • de instructies.
  • Leg uitgewerkte toetsen en opdrachten steeds naast het examendeel (eindtermen en syllabus) en de concrete toetsdoelen. Ga na of de uiteindelijke toets nog steeds de 'lading' dekt en of de moeilijkheid van de opdrachten aansluit bij het gewenste niveau van de leerling en het gevolgde onderwijs.
  • Vraag collega's een oordeel te geven over de toets. Bijvoorbeeld: komen de toetsdoelen terug, ben je het eens met de wijze van beoordelen, is het antwoordmodel duidelijk, specifiek en eenduidig, zijn de instructies en wijze van beoordelen duidelijk voor de leerling, gebruiken we consequent de juiste handelingswerkwoorden, is de toets binnen de beschikbare tijd te maken? etc.
  • Stem beoordelingen af. Bijvoorbeeld: twee docenten kijken het werk van een paar leerlingen na en stellen daarna in overleg het definitieve antwoordmodel op. In dit model wordt zowel aandacht besteed aan wat goed, als niet goed gerekend moet worden.
  • Laat ook leerlingen een oordeel te geven over de toets. Bijvoorbeeld: kun je met deze toets/opdracht laten zien dat je x kunt, vind je de manier waarop de resultaten beoordeeld worden eerlijk, wist je precies wat je bij deze toets/opdracht moest doen en welke eisen aan het antwoord/product werden gesteld, had je genoeg voorbereidings- en toetsafnametijd?
  • Beoordeel ook toetsen uit methodes op een hierboven beschreven manier.

Borging kwaliteit schoolexamen

Bovenstaande punten zijn uitgewerkt in de publicatie Schoolexamens vmbo: borging kwaliteit. Deze publicatie is in het rechtermenu te downloaden, alsook de checklists van de VO-raad om de kwaliteit van uw schoolexamens te evalueren.