Sector
  • Vmbo bovenbouw
Vakgebied
  • Maatschappijleer
Leerplankundig thema
  • Schoolexamen
  • Examenprogramma
  • Handreiking
  • PTA

Voorbeeld: PO maatschappelijk vraagstuk

1-4-2016

Deze opdracht wordt gebruikt voor vmbo-t. Een vereenvoudigde versie voor andere vmbo-niveaus is mogelijk.

Praktische opdracht maatschappelijk vraagstuk

  1. Bedenk een maatschappelijk probleem waar je een werkstuk over wilt schrijven en beschrijf wat precies het probleem is. Neem een probleem waar de Nederlandse regering iets aan zou kunnen doen. Je zoekt op internet zoveel mogelijk informatie over dit onderwerp en die lees je door. Vermeld alle bronnen achter in je werkstuk.

  2. Beschrijf welke verschillende groepen met dit probleem te maken hebben.

  3. Beschrijf wat de belangen van elke groep zijn en wat hun achterliggende ideeën zijn.

  4. Beschrijf de belangentegenstellingen tussen de verschillende groepen.

  5. Beschrijf hoe ten minste drie verschillende politieke partijen denken over het maatschappelijk probleem dat je hebt gekozen. Je kunt hiervoor het internet gebruiken. Vermeld al je bronnen weer achter in je werkstuk.

  6. Waar liggen volgens de verschillende partijen de oplossingen voor dit probleem?

  7. Wat vinden de verschillende belangengroepen, die je onder punt 2 hebt beschreven, de beste oplossing voor het probleem?

  8. Geef ten slotte jouw eigen mening over dit probleem en onderbouw die met feiten en argumenten.

  9. Als je minister zou zijn, welk advies zou je dan geven?

De uitwerking

Het werkstuk moet aan de onderstaande eisen voldoen:

  1. Een inhoudsopgave.

  2. Het onderwerp.

    • Het maatschappelijk probleem dat je behandelt (kies een origineel onderwerp). 

    • Een uitleg waarom jouw onderwerp een maatschappelijk probleem is aan de hand van de kenmerken.

    • Een toelichting over de grootte van je maatschappelijk probleem. Dus hoe vaak komt jouw probleem voor, wie hebben er allemaal last van, wordt het erger, hoe groot is het probleem. Kom met feiten, cijfers en statistieken uit je bronnen.

    • Geef een toelichting van moeilijke begrippen. (Stel dat je werkstuk over 'zinloos geweld' gaat, wat versta jij dan onder zinloos geweld?) 

  3. Geef een overzicht van de verschillende groepen, hun belangen en hun achterliggende ideeën of motieven.

  4. Analyseer het probleem door de belangentegenstellingen tussen de verschillende groepen duidelijk te maken.

  5. Vertel welke (ten minste drie) politieke partijen hierbij betrokken zijn en hoe zij tegen dit probleem aan kijken.

  6. Geef de verschillende en mogelijke oplossingen van dit probleem (en wie dit moet oplossen).

  7. Beschrijf jouw mening, welke oplossing zou jij het liefst zien en onderbouw dit met feiten.

  8. Beschrijf wat je zou doen als je minister was.

  9. Geef de bronnenlijst weer (minimaal zes goede bronnen; geen scholieren.com).

  10. Reflectie: Hoe kijk je terug op het schrijven van dit werkstuk, je aanpak en wat je een volgende keer mogelijk anders zou doen.

  11. Zorg voor een nette lay-out.

  12. Je werkstuk bestaat uit minimaal vijf A4 eigen geschreven tekst! (Gebruik lettertype Arial 10 en regelafstand 1.) Je mag wel citeren, maar niet pagina's lang. 

  13. Schrijf helder (geen taalfouten, goede zinnen, structuur).

Beoordelingscriteria WERKSTUK MAATSCHAPPELIJK PROBLEEM

Onderdeel + inhoud

Score

Proces

  • Op tijd ingeleverd

 

5

Vragen inhoudelijk goed beantwoord

  1. Onderwerpkeuze: koppeling aan actualiteit of eigen interesse

  2. Uitleg maatschappelijk probleem: voldoet aan drie kenmerken maatschappelijk probleem

  3. Uitleg actoren en definitie van begrippen

  4. Analyse van het probleem en de belangentegenstellingen.

  5. Visie van (minimaal drie) politieke partijen

  6. Mogelijke oplossing

  7. Eigen visie en mening

  8. Wat jij als minister zou doen

  9. Kwaliteit bronnen en gebruik van bronnen in het werkstuk

  10. Gebruik van feiten om argumenten te onderbouwen

  11. Eigen reflectie

 

5

5

5

10

10

10

10

5

5

5

5

Lay-out van en taalgebruik in het verslag

    • Logische indeling werkstuk, inhoudsopgave, inleiding, middenstuk, statistieken, plaatjes, conclusie

    • Voorkant met functioneel plaatje, titel, naam, datum

    • Heldere schrijfstijl zonder taalfouten

 

 
5

2

3

Puntentotaal  90 punten

Cijfer (= 1 + aantal punten/10) :

 

Opmerkingen docent: