​​
Sector
  • Havo bovenbouw
  • Vwo bovenbouw
Vakgebied
  • Lichamelijke opvoeding
Leerplankundig thema
  • Schoolexamen
  • Examenprogramma
  • Handreiking
  • PTA

Het PTA

1-10-2015

Een PTA voor lichamelijke opvoeding

We laten vier varianten zien van een PTA voor LO. Deze PTA-varianten verschillen in de eisen waaraan de leerling per programmaonderdeel moet voldoen en waarop hij wordt beoordeeld. De vierde variant werken we vervolgens verder uit. Deze uitwerking benadert wat ons betreft het meest datgene dat met het examenprogramma wordt beoogd.

Eerst geven we nog enkele algemene richtlijnen om te komen tot een eindoordeel voor lichamelijke opvoeding.

Toetsing met een examendossier

In het Examenbesluit is bepaald dat voor het vak lichamelijke opvoeding geen eindcijfer hoeft te worden toegekend. Het vak moet worden afgerond met 'voldoende' of  goed'. Zo'n eindoordeel 'voldoende' of 'goed' moet, rekening houdend met de mogelijkheden van de kandidaat, voor alle leerlingen mogelijk zijn. Een 'onvoldoende' kan niet gegeven worden.

Zolang er geen voldoende of goed is gegeven, is lichamelijke opvoeding nog niet afgesloten en kan de leerling formeel nog geen diploma krijgen. Dit zal alleen in uitzonderlijke gevallen voorkomen als een leerling weigert om aan de eisen voor het PTA te voldoen.

Het schoolexamen voor lichamelijke opvoeding bestaat daarom uit een examendossier waarin een verslag van en reflectie op alle door de leerlingen gevolgde onderdelen is opgenomen. De school stelt aan de hand van dat dossier lichamelijke opvoeding vast of het vak met een 'voldoende' of 'goed' kan worden afgesloten.

Deze wijze van beoordelen hangt samen met de aard van het vak lichamelijke opvoeding in de tweede fase. Enerzijds staat het (sport)oriënterende karakter van het programma centraal, dat wil zeggen dat het er vooral om gaat wat de leerling uiteindelijk kan en wil met de ervaringen en het geleerde en niet om zijn absolute vaardigheidsniveau. Anderzijds mag van alle kandidaten een 'voldoende' afronding worden gevraagd, rekening houdend met de eigen mogelijkheden.

Dit heeft de nodige gevolgen voor de wijze van toetsen en de wijze waarop uiteindelijk het eindoordeel 'voldoende' of 'goed' bereikt wordt. Het betekent vooral dat in het examendossier een inspanningsverplichting wordt getoetst. De leerling laat zien dat hij voldoende gebruik heeft gemaakt van de geboden leerkansen.

De beoordeling voor lichamelijke opvoeding biedt geen compensatie voor met een onvoldoende cijfer afgesloten vakken uit het gemeenschappelijk deel of profieldeel.

Belang van een helder PTA

De school hoort de leerling in staat te stellen om lichamelijke opvoeding af te sluiten op een wijze die past bij zijn mogelijkheden. Dat wil zeggen dat een leerling in elk geval niet een voldoende kan worden onthouden alleen omdat hij geen goede beweger is. Dan zouden sommige leerlingen immers nooit een voldoende voor lichamelijke opvoeding kunnen halen. In de praktijk moet elke leerling die zijn best doet een voldoende kunnen halen. Als de leerling in zijn examendossier alle bewijzen heeft zitten dat hij naar vermogen heeft deelgenomen aan alle vereiste onderdelen van het programma LO, dan kan het eindoordeel 'voldoende' luiden. Kan hij aantonen dat hij met veel kwaliteit heeft deelgenomen, dan kan het eindoordeel 'goed' zijn.

Scholen moeten daarom de verwachtingen c.q. eisen die ze aan leerlingen stellen duidelijk expliciteren. In het PTA wordt verwoord wat die (formele) eisen zijn. Een helder PTA kan ook een middel zijn om de leerlingen actiever bij het leerproces te betrekken, zodat zij beter weten wat er van hen wordt verwacht.