Subdomein E2: Chinese cultuur

27-3-2015

Intercultureel competent

Het schoolvak Chinees leent zich bij uitstek voor een interculturele benadering. Interculturele competentie is op te splitsen in drie onderdelen: kennis, vaardigheden en attitude. Vijf elementen maken een taalspreker intercultureel competent (Byram, Teaching and assessing intercultural communicative competence,1997):

  • Kennis van sociale groeperingen, hun producten en praktijken in het land van de spreker en van de gesprekspartner, en kennis van algemene interactieprocessen bij maatschappelijke en individuele interacties;
  • Vaardigheid in het interpreteren en plaatsen van documenten of gebeurtenissen uit andere culturen;
  • Vaardigheid in het ontdekken van elementen van een andere cultuur en daar op te reageren;
  • Attitudes: de taalspreker is nieuwsgierig, heeft een open houding en is bereid het oordeel over de eigen cultuur en die van de ander te nuanceren;
  • Kritisch cultureel bewust zijn: de taalspreker kan kritisch kijken naar verhoudingen, praktijken en producten, zowel in de eigen als in vreemde culturen.

Thema's en onderwerpen

De tekst van het eindexamenprogramma gebruikt het begrip 'cultuuruitingen'. Daarbij kunt u denken aan:

  • Culturele achtergronden en aspecten van de Chinese taal (bv. ontstaansgeschiedenis van het Chinese schrift, Chinese kalligrafie als kunstvorm, verschillende talen binnen China en de leidende rol van het Mandarijn);
  • Kennis van land en volk (bv. etnische verscheidenheid, vormen van levensbeschouwing, Chinese gezondheidsleer, beeldende vorming en decoratieve kunsten, Chinese klassieke en moderne bouwkunst, uitvoerende kunsten, technologie en wetenschap);
  • Kennis van de geschiedenis en maatschappij (bv. ontwikkeling van de Chinese geschiedenis; continuïteit en verandering; de rol van de staat en de overheid; de rol van familie en samenleving; de rol van man en vrouw; omgangsvormen; invloed van China in het westen; invloed van grote Chinese uitvindingen; invloed van het westen in China; ontwikkeling van China als politieke, economische en militaire grootmacht).

Het uitbrengen van eigen ervaringen houdt onder andere in dat de leerling zijn eigen en de Chinese cultuur in verband brengt met elkaar. 

Bovenstaande thema's en onderwerpen lenen zich uitstekend om behandeld en getoetst te worden in een samenwerkingsvorm met andere schoolvakken, zoals geschiedenis, maatschappijleer, aardrijkskunde, filosofie en economie.

Opdrachten

Bij het toetsen van dit subdomein gaat het om de evaluatie van zowel de opgedane kennis, als ook van de vaardigheid er mee om te gaan en van de ontwikkeling van een open en kritische houding.

Voor het toetsen van de opgedane kennis is een mix van gesloten, meerkeuze- en open vragen een gebruikelijke toetsvorm.
Voor het toetsen van vaardigheden en attitude wordt voornamelijk het doorlopen leerproces beoordeeld. De volgende toetsvormen lenen zich daar goed voor: 

  • verwerkingsopdrachten (zoals spreekbeurten, werkstukken, essays, verslagen van de ervaringen met bezoeken aan tentoonstellingen of aan Chinatown, een studiereis naar China, de ontvangst van Chinese uitwisselingsstudenten, de deelname aan de Chinese Bridge-wedstrijd, het vieren van Chinese feestdagen, een leesverslag over de actualiteit enz.);
  • rollenspellen en simulaties, waarin van de leerling verwacht wordt te reageren op bepaalde cultuuruitingen;
  • praktische opdrachten in samenwerking met andere vakken. 

Meer weten?

Klik hier voor een lijst van publicaties die richtlijnen geven voor het vormgeven van het interculturele element in de lessen, en ook antwoord geven op de vraag wanneer, wat en in welke vorm interculturele competentie te toetsen.