Sector
  • Vwo bovenbouw
  • Havo bovenbouw
  • Gymnasium bovenbouw
Vakgebied
  • Biologie
Leerplankundig thema
  • Handreiking
  • Schoolexamen

Afstemming met natuurkunde

12-5-2015

​Natuurkundige voorkennis

In de syllabi bij de examenprogramma's wordt een aantal natuurkundige begrippen genoemd die als voorkennis vereist zijn voor biologie. Voor zowel havo als vwo zijn dat:

  • massa, dichtheid, gewicht;
  • vaste, vloeibare en gasvormige fase;
  • snelheden, frequenties;
  • vormen van energie;
  • (radioactieve) isotopen, halveringstijd;
  • elektromagnetisch spectrum.

​​Leerlingen die geen natuurkunde volgen, missen mogelijk deze kennis die wel bekend verondersteld wordt bij het vak biologie in de tweede fase. De docent kan leerlingen de benodigde kennis aanreiken.

Waar de programma's elkaar raken

Het nieuwe examenprogramma natuurkunde kent een aantal domeinen die raken aan de biologie en daarom om enige afstemming vragen. Dat zijn de volgende.

Havo
Domein F: Menselijk lichaam: bewegen: 
  • bewegen in h​et algemeen;
  • spieren;
  • werking van de hartspier.

Domein B: Beeld- en geluidstechniek: trillingen en golven:

  • echo maken van embryo;
  • voortplanting van golven: impulsgeleiding door het lichaam (bloeddruk);
  • bouw en werking van het oor;
  • diagnostiek in het algemeen met behulp van straling;
  • röntgen;
  • nucleaire straling;
  • zichtbaar licht, infrarood (warmte) en UV;
  • MRI scans;
  • invloed van straling op het (menselijk) lichaam, stralingsbescherming: pigmentvorming;
  • C-datering;
  • werking van het oog, oogafwijkingen, lenzen.

Domein E: Aa​rde en heelal:

  • klimaat en gebruik duurzame energie.

Vwo
Voor vwo gelden dezelfde raakpunten als voor havo. Binnen het vwo-programma bestaat het domein Menselijk lichaam niet, maar bovenstaande (havo)onderdelen komen wél voor binnen het examenprogramma. Deze onderdelen zijn dan verspreid over de natuurkundedomeinen:

Domein C: Beweging en wisselwerking

Domein E: Straling en energie

Domein G: Leven en aarde:

  • processen in levende cellen: eiwitten kunnen volgens het motorprincipe werken;
  • structuur van cellen zichtbaar maken: cytoskelet;
  • ontstaansgeschiedenis van de aarde en atmosfeer: ontstaan van leven, opbouw biosfeer, het klimaat.​