Sector
  • Havo bovenbouw
  • Vwo bovenbouw
  • Gymnasium bovenbouw
Vakgebied
  • Bedrijfseconomie

Wat mag in het schoolexamen?

25-5-2016

U mag naast de ver​plichte vakinhoud ook andere inhouden toetsen

Behalve de subdomeinen die zijn aangewezen voor het schoolexamen, mag u in het schoolexamen ook andere vakinhouden opnemen.

U mag (​delen van) de subdomeinen die zijn aangewezen voor het centraal examen opnemen

Op veel (bijna alle) scholen voor havo en vwo wordt dat gedaan. Overwegingen om dit te doen kunnen zijn:

  • De stof van de verschillende subdomeinen wordt gecombineerd aangeboden, dus ook gecombineerd getoetst. Hierdoor kun je ook CE-vragen uit eerdere jaren opnemen in het schoolexamen; het wordt daarmee een goede voorbereiding op het CE zelf. Scholen worden afgerekend op discrepanties tussen CE- en SE-cijfer; door de CE-stof ook bij het SE te betrekken, wordt de kans op discrepantie wellicht kleiner.

Overwegingen om het niet te doen kunnen zijn:

  • De tijd en energie voor toetsing van CE-onderdelen gaat ten koste van de toetsing van de andere domeinen. Door CE-onderdelen niet te toetsen komt meer (gedifferentieerde) tijd vrij voor herhaling en verdieping.

Bij het PTA vindt u voorbeelden van keuzes die u kunt maken.

U mag andere vakonderdelen opnemen, die pe​​r kandidaat kunnen verschillen

Als het bevoegd gezag dat wil (wat vaak betekent: als u dat wilt en het bevoegd gezag ermee instemt) mag u ook vakonderdelen in het schoolexamen onderwijzen en toetsen die buiten het officiële examenprogramma vallen. In het programma bedrijfseconomie heeft dit dan al gauw het kenmerk van domein H 'Keuzeonderwerpen'.

U mag vakonderdelen per leerling laten verschillen

U geeft de een bijvoorbeeld een verdiepingsopdracht naar eigen keuze, waarvan u wel de vakkennis toetst. Voor een ander mag diens participatie aan een beleggingsspel meetellen en voor weer andere leerlingen heeft u een vervangende toets.

U mag het onde​​rwijs inrichten zoals u dat het beste vindt

Dat is misschien een open deur, maar het is wel waar. De volgorde waarin u de vakonderdelen behandelt en dus meestal ook toetst, is niet voorgeschreven. Evenmin het aantal werkstukken, practica of ethische discussies.

Soms zijn er op schoolniveau keuzes gemaakt over de inrichting van het onderwijs. Meer of juist minder nadruk op denkvaardigheden of praktisch werk, hoe worden rekenkundige kwesties aangepakt, wat zijn de richtlijnen voor het maken van een verslag?

Dit betekent dat er in ieder geval – in overleg met de schoolleiding en collega's – nog beslissingen genomen moeten worden ten aanzien van de volgende punten:

Studi​​​elast

Voor havo is de omvang van het vak bedrijfseconomie 320 studielasturen, voor vwo 440. Wordt de studielast van het vak evenredig verdeeld over de bovenbouwklassen of is de studielast in het examenjaar groter dan in voorexamenjaren (of omgekeerd)?

​Verdeling van de leerstof

Welke onderwerpen komen het eerst aan bod? Houdt u zich aan de opbouw van de methode of wijkt u daarvan af? Welke redenen heeft u voor uw keuzes?

Deze beslissingen hangen ook samen met de organisatie van het schoolexamen. Als alle schoolexamens in het examenjaar gepland worden, heeft dat consequenties voor de volgorde waarin de leerstof aan de orde komt en eventueel herhaald wordt.

U mag de t​oetsing voor het schoolexamen inrichten zoals u dat het beste vindt
Sinds 2007 zijn er geen vormvoorschriften meer voor het schoolexamen. Er worden dus geen eisen meer gesteld aan het aantal toetsen, praktische opdrachten of handelingsdelen. Ook over de verdeling van de schoolexamentoetsen over de leerjaren van de tweede fase mag de school zelf beslissen. Schoolbrede keuzes/afspraken/richtlijnen bepalen dus de ruimte aan waarbinnen vaksecties keuzes mogen maken. In overleg met de schoolleiding en collega's moet in elk geval besloten worden over de volgende punten:

​​​​Tijdstip van toetsing

Een zeer belangrijke overweging is of het schoolexamen over leerjaar 4, 5 en/of 6 verspreid wordt. Een spreiding over alle leerjaren van de tweede fase kan de examendruk in het laatste leerjaar verminderen, maar verplaatst een deel van die druk naar de voorexamenjaren. Een grotere spreiding geeft ruimte voor meer, qua leerstof minder omvangrijke toetsen. Meer afnamemomenten betekent ook vaker examenstress.

​Het aantal schoolexamentoetsen

Geeft u na ieder hoofdstuk een toets of geeft u drie à vier keer per jaar een SE-toets over meer hoofdstukken tegelijk? Kiest u in alle leerjaren dezelfde aanpak of varieert u?

Bij het PTA vindt u voorbeelden van keuzes die u kunt maken.

Inhoud en vorm van toetsing

Welke onderwerpen worden praktisch getoetst, welke schriftelijk? Worden er ook handelingsdelen opgenomen in het SE? Duren alle toetsen even lang? Op welk moment van het schooljaar wordt er getoetst?

De weging

Hoe is de weging? Praktische toetsen versus theoretische toetsen? Wegen de toetsen van klas 4 minder zwaar dan die van de examenklas?

Bij het PTA vindt u voorbeelden van keuzes die u kunt maken.

Wat telt me​​​e?

Hoe verhouden de schoolexamenonderdelen zich tot voortgangstoetsen? Hoe is de voortgangsrapportage geregeld, hoeveel rapporten worden er gegeven en wanneer? Op welke gronden vindt bevordering naar een volgend schooljaar plaats?

Mogelijk gelden de schoolexamenonderdelen ook als voortgangstoets, naast toetsen die geen deel uitmaken van het SE. Zo'n examenonderdeel geldt dan ook als voortgangstoets, maar kan een ander gewicht krijgen, waardoor er voor de verschillende functies die een toets heeft verschillende cijfers gegeven moeten worden.​​